19 | 10 | 2017

Blauwe Stad

door: Aart Jan Langbroek

blauwestadOppervlakte: Oldambtmeer (a): 800 hectare, Midwolderbos met park (b): 195 hectare, De Tjamme (c): 200 hectare, Reiderwolde (d): 200 hectare.
Eigenaren: (a) provincie Groningen, (b) Groninger Landschap, (c) Staatsbosbeheer, (d) Reiderwolde v.o.f.
Beheerders: (a) Waterschap Hunze en Aa’s, (b) Groninger Landschap, (c) Staatsbosbeheer, (d) Reiderwolde v.o.f.
Ligging: Oldambt.


Ontstaansgeschiedenis

‘Het Schiereiland van Winschoten’ bevat het Oldambtmeer, het Midwolderbos en de natuurontwikkelingsgebieden De Tjamme en Reiderwolde. Het ligt centraal in het Oldambt. Het Schiereiland bestaat uit een ring van zandruggen neergelegd als stuwwallen in de voorlaatste ijstijd, het Salien, tussen 200.000 en 120.000 jaar geleden. Daaromheen spoelde het water van de Dollard dat in de loop van de tijd dikke lagen klei afzette. Een ideale bodem voor het verbouwen van graan. Het Oldambt heeft daar zijn rijke boerenhistorie aan te danken. De hoge zandruggen boden veiligheid en er ontwikkelden zich verscheidene nederzettingen: Scheemda, Midwolda, Oostwold, Finsterwolde, Ekamp, Beerta en Winschoten. In de loop van de tijd werd het Dollardwater teruggedrongen door de aanleg van dijken, waarmee werd begonnen in 1519. Door de inpoldering werd het schiereiland vasteland.
Binnen de ring van zandruggen lag een laaggelegen vlakte, het Huningameer, dat met veen werd gevuld, en soms door inbraken vanuit de Dollard met zeewater werd overspoeld. Veen werd weggespoeld en kleilaagjes werden afgezet. Door drooglegging werd het gebied geschikt gemaakt voor de landbouw. Twee hoogveenrestanten, de laatste in Groningen, zijn nog aanwezig in Meerland.
In 2004 werd het gebied aan de landbouw onttrokken. Dijkjes werden aangelegd, voorgezuiverd water werd binnengelaten en samen met het hemelwater was in november 2006 het vroegere Huningameer gevuld. Een deel van het meer, nu Oldambtmeer geheten, is ondiep en bedoeld voor natte natuurontwikkeling, de rest is voor de recreatie en het wonen aan het water. Het meer heeft ook een functie gekregen als waterberging, dit naar aanleiding van de wateroverlast in Noord-Nederland in 1998.
Aan de westzijde van het huidige Oldambtmeer ligt de zandrug van Midwolda met het veertiende-eeuwse landgoed de Ennemaborgh en het Midwolderbos, een grote natuurplas, en de Midwolderplas, een recreatieplas. De plassen zijn in de jaren negentig van de twintigste eeuw ontstaan door zandontgraving voor de nabijgelegen snelweg. Het bos werd eeuwenlang voor productiehout gebruikt. In 1879 is wintereik geplant voor de scheepsbouw. Na de opkomst van ijzeren schepen werd het productiehout gebruikt voor huizenbouw en de meubelindustrie. De afgelopen decennia wordt het bos omgevormd tot een natuurlijk bos met konikpaarden als grazende beheerders. De natuurlijke variatie is daardoor groot, van oude omgevallen bomen tot kruiden- en struikenrijke plekken en opslag van jonge bomen.
Aan de oostzijde van het Oldambtmeer liggen de natuurgebieden De Tjamme en Reiderwolde. Ook deze gebieden maken deel uit van het Schiereiland van Winschoten. De grote stuwwal in De Tjamme verloopt geleidelijk naar het zuiden toe in een lager gelegen moerasgebied met open water. Hier loopt het oorspronkelijke riviertje de Tjamme doorheen. Het gevarieerde terrein werd aangekocht in 1983 en was een van de eerste natuurontwikkelingsprojecten in Nederland. Dit is niet verwonderlijk gezien de waterondoorlatende bodem waarop gewassen het slecht deden. Reiderwolde is het nieuwste gebied, dat eind 2008 gereed moet zijn. Natuurlijk grasland zal worden afgewisseld met bos, moeras en poelen.
Een groene natuurstrook van 100 meter breed met riet en slenken langs de zuidzijde van het Oldambtmeer verbindt het Midwolderbos met natuurgebied De Tjamme.


Vogels

torenvalk  
Torenvalk
 

Het Midwolderbos is door het gevarieerde landschap met bos en water zeer rijk aan vogels. Braamstruiken, meidoorns en brandnetels bezorgen hun een optimale leefomgeving. In het voorjaar zingen bosvogels als Boomkruiper en Roodborst volop. Kleine en Grote Bonte Specht broeden er, evenals een aantal lijstersoorten en Fluiter en Grauwe Klauwier. Ook de zang van de Nachtegaal klinkt door het bos. Het aantal broedende Appelvinken is de laatste tijd flink gestegen. De laatste zes jaar zijn er geen broedgevallen meer van de Wielewaal.
Roofvogels en uilen profiteren van de rijkdom aan dieren, zoals blijkt uit de aanwezigheid van Buizerd, Sperwer, Havik, Torenvalk, Ransuil, Kerkuil en Bosuil.
De natuurplas wordt door veel watervogels bezocht, zoals Aalscholver, Dodaars, Grote Zaagbek en verschillende soorten ganzen. Langs de oevers broeden moerasvogels als Rietzanger en Fuut. De IJsvogel wordt vaak waargenomen, snel vliegend langs de rietzomen en opgeschoten wilgenbosjes. Voorts roepende Roerdomp en de Nachtegaal.
Het jonge Oldambtmeer is rijk aan watervogels. Opvallend zijn de aantallen Meerkoeten, Knobbelzwanen, Aalscholvers en Futen die foerageren tussen de velden ondergedoken waterplanten als fonteinkruiden, smalle waterpest en veenwortel. In het heldere water met doorzicht tot op de bodem hebben deze planten zich optimaal kunnen ontwikkelen. Het grote meer is daardoor uniek. Er kunnen zich interessante populaties watervogels ontwikkelen, maar dan moet het beheer wel gericht zijn op behoud van die helderheid.
Recente waarnemingen zijn Kleine Zilverreiger, Geoorde Fuut, Dwergmeeuw, Zwarte Stern en ontsnapte Zwarte Zwaan. Twee paartjes Zwartkopmeeuwen zijn in de eerste helft van 2008 op het vogeleiland in de noordoosthoek van het meer gesignaleerd. Hier nestelen nu nog honderden Kokmeeuwen. Op termijn zal het eiland dichtgroeien met struiken en bomen en zal een eind komen aan het rijke broedbiotoop voor de meeuwen, tenzij stringent maaibeheer wordt toegepast. Komt het door de grote aantallen meeuwen dat de zwaluwwand nog niet door Oeverzwaluwen is bevolkt?
In mei 2007 zijn veel Witvleugelsterns gezien. Op één dag, 16 mei 2007, werden zelfs 158 geteld. Natuurlijk behoren bij de vogelrijkdom van het Oldambtmeer ook roofvogels zoals Visarend. De jachthaven aan de noordzijde van het Oldambtmeer lijkt ook aantrekkelijk te zijn voor bijzondere vogels zoals Roodpootvalk.

  roodborst

 
Roodborst

In de Veenpluis van september 1992 (periodiek van KNNV afdeling Veendam en omstreken) deed H. Twiest verslag van een vogelexcursie op 3 mei 1992 in De Tjamme. Algemene soorten zoals veel Wilde Eenden en 30 Knobbelzwanen werden waargenomen. Verrassend waren een paartje Geoorde Futen en een Dwergmeeuw. Voorts 20 Kemphanen, 10 Kneuen, 2 Gele Kwikstaarten en 2 Sprinkhaanzangers. In tien jaar tijd moet er wel wat veranderd zijn in het gebied. De vogelaar verzucht: ‘De laatste jaren is de Tjamme voor vogelaars toch wat minder aantrekkelijk geworden: de waterstand wordt zo hoog gehouden, dat het gebied voor allerlei steltlopers dan ongeschikt is. Er is geen slikrand meer te bekennen, de eerste plas is inmiddels dichtgegroeid met zeggen.’
Op het open water komen in de winter honderden ganzen en eenden voor. In het najaar steekt het smetteloze wit van de tientallen Lepelaars scherp af tegen het groen. Tot de vaste bewoners behoren de Grote Zilverreiger, Kwartelkoning, Rietzanger en Porseleinhoen. Recente waarnemingen zijn Roodborsttapuit, Dodaars, Snor en Regenwulp.
Reiderwolde ligt nog aardig overhoop maar Patrijzen lopen er nog wel rond. Nestgaten van de Oeverzwaluw zijn gesignaleerd in het talud van de kwelsloot bij de Ekamperweg. Er zal ongetwijfeld een gevarieerde vogelstand ontstaan met bosvogels, moerasvogels en hopelijk ook met weidevogels.


Toegankelijkheid

Rondom het grootste deel van Oldambtmeer kan worden gefietst over de dijkjes. Het 1,30 meter diepe gedeelte van het Oldambtmeer kan worden bevaren. Er zijn verscheidene parkeermogelijkheden: aan de haven bij Midwolda, bij het informatiecentrum Blauwe Stad in woonwijk Het Park en bij de Midwolderplas aan de Hora Siccamaweg. In de Midwolderplas kan worden gezwommen in helder water.
Aan de Hoofdweg in Midwolda kan vlak bij de Ennemaborgh worden geparkeerd. Het eerste gedeelte van het park is goed toegankelijk door de verharde paden. Wandelen kan ook goed op de rechte zandpaden in het Midwolderbos, dat ongeveer 3 kilometer lang is. Na regenval zijn laarzen wel aan te bevelen.
Het gebied van De Tjamme kan worden bereikt via de C.G. Wiegersweg tussen Beerta en Finsterwolde, of via Hardenberg in Finsterwolde.

____________________

Tekst ontleend aan: Roos, J.A. de, T. Jager, A.C. van Klinken 2009 Vogelgebieden in Groningen; uitgave van Avifauna Groningen.
Kaartje: Cartografische Dienst provincie Groningen
Foto's: Ana Buren

Links: