22 | 08 | 2017

Vogels kijken in Oman

door: Anne van der Zijpp en Arjo Bunskoeke

In- en aanleiding

Misschien wel de meest gestelde vraag: wat heb je als vogelaar in Oman (waar ligt dat eigenlijk?) te zoeken. Hieronder hopen wij dat duidelijk te maken. Het begon een aantal jaren geleden met een lezing van Eric Koops en Bert de Bruin voor Avifauna Groningen over de soortenrijkdom die dit woestijnland huisvest. Inmiddels hebben we de afgelopen jaren dit land in de kerst/nieuwjaarsperiode een aantal malen bereisd.
De bijzondere vogelrijkdom van Oman heeft een aantal oorzaken. Grofweg is het land in drieën te verdelen. Aan de oostkant van het land zijn soorten te vinden uit de Aziatiasche vogelwereld, terwijl aan de westkant juist soorten zijn te vinden uit de Afrikaanse vogelwereld. De droge woestijn in het centrale deel van het land vormt als het ware een barrière tussen deze twee vogelwerelden. Verder zijn het de trekvogels uit het Euraziatische gebied die van Oman in de late herfst, winter en het vroege voorjaar een buitengewoon interessant vogelland maken. En ten slotte kent het Arabisch schiereiland nog een (klein) aantal endemen. Al met al een interessante mix voor een vogelaar.
In tegenstelling tot het beeld dat men mogelijk heeft, bestaat Oman niet alleen uit woestijn. Naast het aangename winterklimaat is het de veelvoud aan biotopen die Oman voor veel vogelsoorten aantrekkelijk maakt: bergen (tot wel 3 kilometer hoog), wad- en kliffenkusten, mangrove, zoetwaterinlaten en uiteraard woestijnen met oases.
Natuurlijk is Oman over het algemeen een droog land, maar dat heeft als vogelaar het voordeel dat vogels geconcentreerd voorkomen op plaatsen waar water voorhanden is. Het zuiden, nabij de grens met Jemen, kent overigens een natte moesson in de periode juli-september.
Oman is verder wellicht het enige land ter wereld waar niet gejaagd mag worden, hoewel stroperij uiteraard voorkomt. Ook de in de andere Golfstaten populaire jacht met valken is in Oman niet toegestaan.

Verblijf

Oman is een weliswaar een streng islamitische land, maar anders dan in Saudi Arabië is de overheersende stroming tolerant ten opzichte van westerlingen. De bevolking hebben wij ervaren als vriendelijk, gastvrij en trots. Men is vaak heel nieuwsgierig naar die vogelkijkende westerlingen zonder de opdringerigheid die je in landen als Egypte, Marokko en Tunesië ervaart. Houdt rekening met de zeden en gewoonten van het land en je bent in het misschien wel het veiligste land ter wereld. De geschiedenis van het land is zeer interessant en gaat ver voor de onze terug. Dankzij de historische Britse invloed kun je je vrijwel overal met Engels goed redden. Verkeersborden en aanduidingen zijn vrijwel altijd tweetalig.Veel van het echte handwerk wordt gedaan door mensen uit de voormalige Britse kolonies India, Pakistan en Sri Lanka.
Je kunt vrijwel overal moeiteloos in het wild kamperen; de wegen zijn goed (alleen in de bergen en in de woestijn heb je 4WD's nodig). In de hoofdstad hebben we op een B&B-adres verbleven, in het zuiden in de zg. beachvilla's, luxe, maar zeer betaalbaar. In de bergen, de woestijn en langs de oostkust hebben we gekampeerd. Voedsel en water inkopen kan in vrijwel elk gehucht. Ergens gaan eten is goedkoper dan zelf kookgerei meesjouwen. Een gemiddelde warme maaltijd kost minder dan een kop koffie in Nederland.

We hebben van te voren steeds plannen gemaakt welke gebieden we wilden bezoeken. Oman is acht maal groter dan Nederland en is dunbevolkt (nog geen drie miljoen inwoners). De afstanden zijn dus groot, zeker als je zowel het noordelijk, het oostelijk als het zuidelijk deel wilt bezoeken.
Het midden en het westen is steen- en zandwoestijn.
Inmiddels hebben we de noordkust, het noordelijk berggebied, de noordoost kaap, het oostelijk wadgebied, een deel van de centrale woestijn en het zuiden op onze reizen bezocht. Wil je zowel het noorden als het zuiden in één reis zien, dan verdient het aanbeveling eenmaal een inlandse vlucht te nemen en heen (of terug) de tocht door de woestijn (1200 km goede weg) te maken. De kosten hiervan zijn vergelijkbaar met een treinkaartje in Nederland.

Het vogels kijken


Een onmisbare gids waarin alle inmiddels bekende vogelplekken van Oman heel overzichtelijk in kaart zijn gebracht is het boek 'Birdwatching guide to Oman' van Eriksen & Sargeant. Als veldgidsen kunnen de ANWB Vogelgids van Europa (2000, Mullarney e.a.) of Vogels van Europa, Noord-Afrika en het Midden-Oosten (1994, Lars Jonsson) worden gebruikt met, uiteraard, Field Guide to Birds of the Middle East (1996, R.F. Porter e.a.).
Een goed informatiepunt is verder de website van de Eriksens: www.birdsoman.com.
Oman kent amper tien, voornamelijk buitenlandse, vogelaars. Zo kun je nog eens een (bijna) nieuwe soort scoren voor een land. Tijdens de reis in 2003/2004 viel ons die eer te beurt met een Roodkruinzwaluw en een Kaffergierzwaluw en de afgelopen reis met de Koolmees (jawel!) en de Pacifische Waterpieper. Mits erkend uiteraard, want zelfs Oman kent een comité dat oordeelt over waarnemingen van zeldzame soorten.
Hieronder geven we voor de bezochte gebieden een indruk van de soorten die wij hebben waargenomen.
De gebiedsindeling is gebaseerd op het hierboven genoemde boek van Eriksen & Sargeant.

De gebieden

1. Capital Area

Direct in en rond de hoofdstad kun je je hart al ophalen. Zo zijn in het Al Qurm Park diverse steltlopers (bv. Aziatische Goudplevier, Mongoolse en Woestijnplevier, Grote Kanoet, Indische kievit, Witstaartkievit) waar te nemen. Drie soorten Buulbuuls, drie soorten Rallen (voor wie geluk heeft), diverse zangers (Ménétries Zwartkop, Grote Vale Spotvogel, Griekse Spotvogel, Purperhoningzuiger, Kleine Groene Bijeneter, Indische karekiet), diverse reigersoorten (zo zagen we de Middelste Zilverreiger) en soorten die ook bij ons broeden (Zomer- en Wintertaling, Geoorde Fuut o.a.). Let steeds op de lucht: Oman herbergt in de winter vele arenden (Bastaard-, Steppen- en Keizerarend bv.) en er gaat eigenlijk geen dag voorbij zonder arend. Twee jaar geleden zat hier een Langstaartklauwier en zagen we een Huisgierzwaluw. Berucht zijn de exoten.
De Halsbandparkiet is er zeer algemeen, de Treurmaina's zijn een plaag, maar ook Napoleon-wever en Muskaatvink zitten in het park.
Binnen direct bereik liggen ook de Al Ansab Lagoons, een waterzuiveringsgebied met diverse grote poelen. Kwak en Purperreiger zijn hier vrij algemeen; Bengaalse, Witwang- en Witvleugelstern ook. Diverse reigersoorten, eendensoorten en rietbewoners kunnen worden waargenomen. Lichtensteins Zandhoen komt er tegen de avond drinken. De Egyptische Nachtzwaluw komt er wat later in de winter. Ook hier uitkijken naar Arenden en Gieren. De meeste zijn Aasgieren, maar twee jaar geleden zagen we ook Oorgieren. Trouwens voor mooie roofvogelswaarnemingen kun je het best op de stadsdump zijn (Sunub Waste Disposal Site; van te voren een vergunning aanvragen). Men dropt er kadavers. Hier komen talrijke Steppen- en Bastaardarenden op af en enkele Keizerarenden (waarvan praktisch de hele populatie in Oman overwintert). Interessant is dat van de Bastaardarend ook de kleurvariant fulvescens soms te zien is. Aasgieren zijn er bij tientallen. Let ook op tapuiten (Zwarkoptapuit, Woestijntapuit, Izabeltapuit) en kwikstaarten (Citroenkwikstaat).

2. Al Batinah

De noordwestelijke kuststrook van dit land is akkerbouwgebied waar dat maar mogelijk is. Oman voert vooral groente en fruit uit. Er zijn enkele enorme landbouwcomplexen waar ook vee wordt gehouden en men de melk zelf verwerkt. Deze zg. sunfarms zijn oases in dit aride gebied en dat trekt vanzelfsprekend vogels aan. De landerijen worden besproeid en er zijn waterreservoirs voor het vee. De melkmachines komen overigens uit Nederland. De koeien worden gevoerd met gras dat men direct van het land haalt. Het maaien trekt door de vele opvliegende insekten talrijke vogels aan: sterns, Ooivaars, Koereigers, Indische Scharrelaars. Bruine, Grauwe en Steppen-kiekendief, maar ook Sakervalk, Dwergarend en (natuurlijk) Bastaardarend vinden kennelijk gemakkelijk prooien. De kiekendieven hebben er slaapplaatsen op de akker. Diverse soorten piepers (Duinpiepers zijn het talrijkst, maar ook Langsnavelpieper komt voor). Hier zagen we dit jaar twee exemplaren van de Pacifische Waterpieper. Van de kwikstaarten noemen we: (russische) Gele Kwikstaart (M.flava beema) en Balkankwikstaart (M.flava feldegg). De Zwartkruinvinkleeuwerik (wie bedenkt zo'n naam) is er talrijk. Ook de Kleine Kortteen-leeuwerik vonden we. Ogen op steeltjes houden voor klapeksters (waaronder de Steppen- klapekster die wij niet zagen) en klauwierensoorten. Tussen de koeienpoten in de open stallen namen we de ondersoort 'personata' van de Witte Kwikstaart waar, maar ook- evenals vorig jaar- foeragerende Kemphanen. In de waterreservoirs kun je Poelruiters, Bosruiters, Steltkluten en kleine steltlopers zien. Eerder zagen we hier Grote Kanoet en Grote Grijze Snip. Bijzonder was de waarneming van twee Steppenkieviten, een soort waarmee het heel slecht gaat de laatste jaren.
Elk bezoek (zorg voor een 'permit' vooraf want men wil bij de poort wel eens moeilijk doen) is anders, zelfs van de ene dag op de andere.
Interessant zijn ook enkele plekken aan de kust waar mangrovebosjes zijn (o.a. bij Liwa). In deze bosjes zitten diverse kleine zangertjes (Kleine Spotvogel o.a.), reigersoorten en de Witkraagijsvogel.

3. Langs de uitlopers van het oostelijke Al Hajar gebergte

Een tocht langs de noordoostkust is een belevenis op zich. Het gebergte reikt hier soms tot aan de zee. Eerst heb je een smalle laagvlakte met prachtige stranden waar je zeevogels kunt spotten, daarna blijkt waarom je voor dit traject een 4WD- auto nodig hebt. Enkele bergrivieren hebben hier prachtige kloven en kleine lagunes gevormd. De mooiste is Wadi Tiwi, waar we een ondersoort van de Zwarte Roodstaart zagen ('semirufus'). Op de noordoostelijke punt zijn een aantal kliffen waarvan we noemen Ras al Hadd en Ras al Khabbah. Geweldige plekken om zeevogels te zien. Hier hadden we het eerste jaar een groep van wel 50 Grauwe Franjepoten op zee en een Roodsnavelkeerkringvogel. Ook hier moet je verdacht zijn op allerlei zuidelijke zeezwervers. Voor meeuwenliefhebbers een plek om te smullen. Wij vonden de Reuzenzwartkopmeeuw zeer indrukwekkend. De Hemprichs Meeuw is langs de hele kust algemeen en bijzonder fraai. Van de sterns noemen we de Grote Kuifstern, maar we hebben er meerdere soorten waargenomen (o.a. ook Saunders' Dwergstern). Vanaf hier zijn we om een van de meest onderzochte woestijnen ter wereld (Wahiba woestijn) heen gereden (bij de kust langs is vanwege de stuifduinen onmogelijk) om het grote wadgebied te bereiken:

4. Barr al Hikman

De vogelaantallen zijn er indrukwekkend. Dit is het gebied van de Krabplevieren, de Terekruiter en diverse plevieren (o.a. veel Mongoolse). Breedbekstrandloper komt voor, Regenwulp en Rosse Grutto zijn vrij talrijk. Flamingo's bij honderden, maar ook Lepelaars, Rifreigers, Mangrovereiger. Dit is een gebied waarvoor je eerst goed moet weten wanneer het hoog water is, want bij eb staan de vogels frusterend ver weg.
Er zijn meer plekken langs deze zuidoost kust de moeite waard. Zo bezochten we het eiland Masirah en Ad Duqm.

5. Het Lege Kwartier
is de naam van het centrale woestijndeel van Oman. Er loopt een goede weg dwars doorheen.
We hebben hier tweemaal een bezoek gebracht aan het White Oryx Project (op aanvraag overigens). Men fokt hier de bijna uitgestorven witte Arabische oryx met succes. Helaas blijken vele weer in het wild uitgezette dieren te worden gevangen door stropers die ze voor aanzienlijke bedragen verkopen aan sheiks in de Emiraten. Op het wegvangen staan hoge straffen. We zijn hier door een gids in de woestijn rondgeleid. Echte woestijnvogels zijn beperkt, maar we zagen wel Lichtensteins, Roodbuik-, en Sahelzandhoen, Woestijntapuit, Woestijngrasmus, Woestijnleeuwerik, Woestijnbraamsluiper en de zeer merkwaardige Witbandleeuwerik die we trouwens ook op bv. parkeerplaatsen bij woestijnnederzettingen langs de weg diverse malen zagen. Biologe Irene Tieleman is op deze soort twee jaar geleden aan de RUG gepromoveerd. Grootste klapper was voor ons de waarneming van de Westelijke Kraagtrap (ondersoort macqueenii) vorig jaar. Deze soort is uiterst zeldzaam aan het worden. Bij de telling in september 2003 bleken er in dit gebied (bijna zo groot als de provincie Utrecht) maar 7 te zijn waargenomen. Bruinnekraaf en Waaierstaart zijn ook bewoners van het lege gebied. Ook de Steenarend komt hier voor (en zagen we eenmaal). Trouwens midden in de woestijn ligt een hotel in een met veel moeite en gesproei aangelegde tuin. Hier vonden we de zeer schuwe Koel (een grote, zwarte vogel van het Indisch schiereiland), maar ook een groep Sijsjes!
We bivakkeerden twee maal in de oase Muntasar om er de volgende morgen de zandhoenders te zien komen drinken. Deze uiterst schuwe dieren merken je meteen op als je niet goed in dekking zit en vliegen dan zonder te drinken verder. Onze eerste waarnemingen bij aankomst hier betroffen: een Kievit en een Tureluur! Je komt ons bekende vogels op de gekste plaatsen tegen: wat te denken van die Zwarte Ruiter in de Jabal al Qamar (gebergte)?

6. Dhofar

Het zuidelijk deel van Oman is een laagvlakte die deels omsloten is door een gebergte. Hier heerst in de zomermaanden de moesson en dan wordt alles er on-Arabisch groen. Er zijn een aantal zoetwaterinlaten (zg khawrs) die de moeite van een bezoek zeer waard zijn. Bovendien zijn er in de bergen een aantal wadi's die het jaar door water houden. Hier tref je dan ook soorten die in het noorden niet voorkomen. De woestijn blijkt echt een barrière. Min of meer endemische zijn de Zuid-Arabische Tapuit en de Arabische Zwartkop. De Glanshoning-zuiger, de Afrikaanse Paradijsvliegenvanger (in broedkleed helemaal een je-weet-niet-wat-je-ziet vogel), Waaliaduif, Maskerduif, Rueppells Wever, Somalische Brilvogel zijn soorten die ook aan de overkant (=Afrika) voorkomen. In de khawrs zitten ook andere bijzonderheden als Klein en Kleinst Waterhoen, Waterfazant, Zwarte Ibis, Witstaartkievit en talrijke steltlopers.

Fantastisch was de waarneming- in een van de wadi's waar we vorig jaar wolven hoorden huilen- van de Zwarte Arend (die hier met een aantal broedparen aanwezig is) achtervolgt door een Waaierstaartraaf, of die Visarend waarvan we zelfs kopportretten konden maken, of de Amurvalk (waarvan wij nog nooit gehoord hadden). Boven zee Gemaskerde Genten en Arabische Aalscholvers, in zee dolfijnen en roggen. Maar ook de waarneming van die Blauwborst in zijn winterpak, zo ver van huis, je wordt er stil van…

Al met al is Oman een fantastisch vogelland. Wat ons betreft blijft het ook niet bij de bezoeken van de laatste drie jaar.

Anne van der Zijpp en Arjo Bunskoeke

P.S. Het verslag is geschreven ogv drie bezoeken tijdens de jaarwisseling: 2002/2003, 2003/2004, 2004/2005.

____________________

Links:

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen